In veel woningen gebouwd voor 1980 vinden wij tijdens een routine-inspectie sporen van houtaantastende insecten, en niet elke aantasting is nog actief. Het onderscheid tussen een oud, uitgedoofd probleem en een actieve aantasting is echter cruciaal — en niet altijd zichtbaar met het blote oog.
De klassieke ronde uitvlieggaatjes, meestal twee tot drie millimeter in doorsnede, zijn het teken waar de meeste mensen naar zoeken. Wat zij niet weten, is dat deze gaatjes ontstaan wanneer het volwassen insect het hout al heeft verlaten — de eigenlijke schade is dan al aangericht door de larven, die soms jarenlang onopgemerkt in het hout leven voordat ze zich een weg naar buiten vreten.
Een betrouwbaardere indicator van actieve aantasting is fijn, lichtgekleurd boormeel dat zich onder de gaatjes verzamelt — vergelijkbaar met fijn zaagsel. Oud, uitgedoofd houtwormschade vertoont dit niet meer, terwijl een actieve populatie dit voortdurend blijft produceren.
De structurele gevolgen worden vaak onderschat. Draagbalken die decennialang onopgemerkt zijn aangetast, kunnen tot wel dertig procent van hun oorspronkelijke draagkracht verliezen voordat de aantasting zichtbaar genoeg wordt om zonder inspectie te herkennen. Bij dakconstructies, waar belasting en vochtigheid samenkomen, is dit risico het grootst.
Onze aanpak begint altijd met een grondige visuele en, waar nodig, instrumentele inspectie om actieve van inactieve aantasting te onderscheiden. Enkel bij bevestigde actieve aantasting wordt een behandeling voorgesteld — wij behandelen nooit preventief hout dat geen actieve infestatie vertoont, om onnodig gebruik van houtbeschermingsmiddelen te vermijden.